Dag van de mantelzorg 2020

D

Vorige week zaterdag zat ik mijn laatste hap van die kleine pizza weg te smikkelen, toen de telefoon rinkelde. Het piepkleine schermpje verried al dat het Mams (nu inmiddels 81) was, maar mams belt haast nooit. Dus nam ik gauw op.

Ze was gevallen, gestruikeld over het achterwiel (onhandig gepositioneerd) van haar rollator en had een lelijke smak gemaakt. Ik hoorde aan haar stem dat ze best even wat troost kon gebruiken, dus liet ik de boel de boel en fietste met een rotgang naar haar huis, hier 4 blokken verderop. Hoewel zo’n fietstochtje over het algemeen maar zo’n 7 minuten duurt, met de fiets uit de berging te pakken en al, kan ik dan behoorlijk geërgerd zijn. En allerlei zaken spoken dan gelijk door mijn hoofd. Zo’n tochtje duurt me dan veels te lang, bij wijze van spreken.

Mijn moeder is de laatste pakweg vier jaar vaker gevallen. Heeft zelfs een cursus ‘Valpreventie’ gevolgd, wat niet meehelpt aan de maffe capriolen die men zoal maakt als men dreigt te vallen en dat dan ook doet. Ze heeft letterlijk alles gebroken wat er maar te breken viel. En ja zelfs veel pijn in de heup, ingezakte wervels in haar rug en afgescheurde pezen in haar rechterarm, wat allemaal nog behoorlijk naëbt qua pijn elke dag. Is ook tweemaal tijdelijk opgenomen geweest in een verzorgingshuis, hier in de regio.

Mijn moeder is beslist hard voor zichzelf, miauwt niet al te vroeg. En als ze al een dokter spreekt, vergoelijkt ze de situatie altijd ietwat alsof ze geen ruimte mag krijgen of vragen mag stellen voor zichzelf. Dus weet ik, dat elke roep er een is die werkelijk waar legitieme aandacht vergt.

Het arme mens was letterlijk half zwemmend over de vloer terecht gekomen bij de telefoon, die natuurlijk in zo’n situatie altijd té ver weg is. En toen ik aankwam, had ze zichzelf reeds in haar typische ‘oudewijvenstoel’, zoals wij die plagend noemen, gewurmd.

De pijn die ze had kwam voornamelijk uit haar ribbenkast. Op dat moment wil ik liefst direct een EHBO-post bezoeken, maar ze wilde nog even bijkomen. Op adem komen van de schrik. Dus bleef ik de rest van de avond bij haar. En ook de dagen die volgden, bezoek ik haar nu elke dag ‘s morgens en kook ik ‘s avonds bij haar de warme maaltijd. Dat hoeft niet van haar, maar dat wil ik voor mezelf zo.

Over mijn rol als mantelzorger

Mantelzorgen, als dit is wat men dat noemen wil, is een van de meest pittige zaken in een mensenleven. Gelukkig zijn moederlief en ik aan elkaar gewaagd, qua karakter en eigenschappen, en ook elkaars volmaakte tegenpolen. Waar ik maar mee wil zeggen, dat het beslist niet eenvoudig is, om zaken uit haar handen te nemen. Dat terwijl ze die zaken het liefst nog zelf uitvoert. Waar ik soms dingen onbelangrijk of futiel vind, is zij beslist veeleisend, en dat gaat zo maar door.

Het moeilijkst aan mantelzorgen is dat je af en toe die ‘moederrol’ over moet nemen. Beslissingen moet nemen, waar zij dan in haar nieuwe ‘dochterrol’ van moet slikken. Je hebt immers met mensen te maken, die ook zo hun eigen gedachten en (sterke) wil hebben. Af en toe kan dat behoorlijk met elkaar botsen. Plus, hoelang houd je dat werkelijk vol, voordat je weer switcht naar je eigen oude dochterrol. Het gaat uitstekend, zolang je maar dat verrekte respect voor elkaars standpunt in acht neemt.

Die huisartsen, toch!

En dan is er nog wel een dingetje waar ik behoorlijk wat moeite mee heb. Die huisartsenpraktijken van tegenwoordig werken immers precies van 9 tot 5. Buiten die tijdstippen om ben je niets anders dan een nummer. Als mijn moeder belt of het mogelijk is, een foto te laten maken van haar ribbenkast vanwege de toenemende (in plaats van afnemende) pijn, en het antwoord eenzijdig “Nee” is, omdat men daartoe geen reden ziet. En ik me afvraag, waar de rest van de meelevendheid blijft van zo’n huisarts (“Neemt u maar een paracetemolletje extra (vanwege de bloedverdunners)!”) voor maar ook na sluitingstijd.

Echt, ik ben soms in staat om vele brieven te pennen aan zo’n huisarts, om hen het licht eens te laten zien, maar daar maak je jezelf ook weer niet populair mee. Zeker niet gedurende een Coronacrisis, zoals die nu heerst.

Maar het is toch te belachelijk voor woorden, dat alles wat geen Coronacrisis betreft, als tweederangs hulpverlening wordt behandeld? Alsof men dan maar op een wachtlijst kan.

Tot slot

We zijn nu anderhalve week verder, bijna, en ik slaap licht. Lig vaak uren wakker met zorgen en alle ‘worst-case-scenario’s’ die elk moment van de nacht kunnen opdoemen. Alsof elke seconde opnieuw die telefoon opnieuw kan rinkelen.

Maar inderdaad is het beter dat je me nu niet vraagt, hoe het met mij gaat.

Over mij

Pix

Hee hallo, ik ben Irene, mijn nick is Pix, en ik blog sinds 2002. Mijn schrijflust doet me vaak naar het toetsenbord grijpen. Dat alles onder het genot van veel koffie en chocolate bites, gewoon omdat alles nu eenmaal veel mooie - en lekkere - flow vergt. Enneuhm..., mijn haar zit ook nog 'es altijd goed! Zie ook mijn about-pagina.

1 Reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Door Pix
%d bloggers liken dit: