• Menu
  • Menu

Hotel-de-botel

We hadden een nachtje flink doorgehaald in good ol’ Amsterdam, die nacht en ik keerde zo rond een uurtje of 5:42 terug bij het hotel waar ik werkte en waar mijn auto nog geparkeerd stond.

Het was de nacht van de waarheid geweest. De eigenaren van dat hotel waar ik voor werkte, een getrouwd stel, hadden die nacht bonje gehad. Het woord ‘scheiding’ viel dan ook om de haverklap. Ten overstaan van het meeste personeel, waaronder ik, hadden we dan ook alles meegekregen, en was ik nu eigenlijk wel hondsmoe. Meer van dat soort drama’s, dan van de lekkere biertjes en het onvermijdelijke broodje shoarma toe, die nacht.

Terwijl ik terugliep naar mijn auto, realiseerde ik me, dat het hotel en de receptie nog donker waren. Ik opende de voordeur, en liep de gigantische hotelkeuken in. Er was geen ontbijt geprepareerd voor de hotelgasten. OMG (lees: Oh my God).

Geen wonder want K, mijn werkgever, zou die ochtend het ontbijt regelen, en die was ongetwijfeld nog niet teruggekeerd van zijn nachtje stappen. Of lag in bed zijn roes uit te slapen, dat kon ook nog.

Met een zucht van twijfels en ook moeheid, startte ik in mijn functie als verfomfaaide receptioniste de receptie-pc op. Stak de lichten aan, want het was nog half donker die vroege ochtend. En waagde een poging uit te vinden hoe ik in vredesnaam op dit enorme gasfornuis veel eieren kon koken. En hoe moest ik in hemelsnaam al dat hartige ontbijtbeleg met die enge machines gaan snijden? Nah, dacht ik, we gaan het gewoon proefondervindelijk uitvinden! Maar met mijn twee linkerhanden, vreesde ik alvast het ergste.

Een half uurtje later had ik koffie gezet, en een ontbijtbuffet klaar voor zover ik kon overzien, en arriveerden de eerste hotelgasten in het restaurant voor hun verse ochtendontbijtje.

Natuurlijk keken de hotelgasten me ietwat bevreemd aan. Ik had immers mijn receptie-outfit aan, en was niet gekleed als de zogenaamd zwarte brigade (lees: bediening).

Die ochtend rende ik van restaurant naar receptie en weer terug. Het was een absolute chaos, en tegelijkertijd wist ik nog de meeste probleempjes met een ‘big smile’ te ondervangen. Er kwamen veel vragen van de gasten waar de verse koffie bleef, of er extra warme broodjes konden komen, en de eieren die waren inmiddels ook allemaal op.

Zo rond een uurtje of 10 stapte K., mijn baas en nog half dronken, het restaurant binnen. Riep luid: “Goedemorgen!” Liep de bijkeuken in, en schonk hemzelf een bak dampende koffie in. Keek eens om zich heen, en liep vervolgens naar zijn kantoortje, waar ik hem een stief kwartiertje later op zijn bureaustoel in diepe slaap terugvond.

Ik durfde hem niet echt te vragen waar hij had uitgehangen die ochtend dat hij het ontbijt had moeten regelen. Temeer vanwege al die perikelen en daar hem nu blijkbaar een scheiding boven het hoofd hing. Dus liet ik hem in zijn stoel even met rust.

Die middag eindigde mijn dienst zo rond een uurtje of 15. Ik was kapot en moe, maar ergens toch wel voldaan dat deze toestand mij niet had weten te vangen. En ook best trots op mezelf, dat ik uiteindelijk die verrekte vleesmachines had weten te overleven. Onderwijl genietend van mijn drive om deze chaostheorie zonder paniek het hoofd te bieden.

Pix

Hee hallo, ik ben Irene, mijn nick is Pix, en ik blog sinds 2002. Mijn schrijflust doet me vaak naar het toetsenbord grijpen. Dat alles onder het genot van veel koffie en chocolate bites, gewoon omdat alles nu eenmaal veel mooie - en lekkere - flow vergt. Enneuhm..., mijn haar zit ook nog 'es altijd goed! Zie ook mijn about-pagina.

Zie alle posts

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: